CBS: “Nederlanders, kom van jullie luie r**t af.”

Heerlijk om de ochtend mee te beginnen, statistiekjes. Het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft geconcludeerd dat wij heel weinig werken, ten opzichte van andere Europese landen. Daarentegen is onze arbeidsparticipatie wel een van de hoogste in Europa. Sorry, wat?

Wie o wie?

Het woord alleen al klinkt te moeilijk voor de ochtend; ‘arbeidsparticipatie’. De term is een moeilijk woord voor het percentage Nederlanders dat werkt en/of werkt zoekt, geteld vanaf 15 jaar tot 75 jaar. Dat percentage ligt bij ons op 70 procent bij de mannen en op 60 procent bij de vrouwen. Daarmee stootten we bijna elk land van de niet echt felbegeerde troon, behalve Zweden, Duitsland en Estland. Tsja, die prijs mogen ze hebben. Wij hebben… Nee, ook geen WK-titel, shit. Anyway, het aantal uren dat wij werken ligt heel laag in Nederland. Het gemiddelde aantal uren dat we werken heeft de waarde van een halve baan per werkende. Alleen Spanjaarden, Kroaten, Grieken en Italianen werken meer. Welke landen zaten er ook alweer nog steeds in een crisis? Ja, precies. Die. Misschien is meer werken dan toch een optie voor hen, wat met ons gaat het nog altijd prima.

 

Onbenut wat?

In hetzelfde onderzoek van CBS kwam iets anders naar voren. Er zijn zo’n 1,5 miljoen mensen die niet aan het werk gaan, maar niet omdat ze dat niet willen. Ze kunnen het vaak niet. Dan bedoelen we niet de arbeidsongeschikten, maar als je bijvoorbeeld nog studeert of mensen die de hoop hebben opgegeven na 364 keer gesolliciteerd te hebben. Deze groep als geheel heet dan het ‘onbenut arbeidspotentieel’. Onthoud het of vergeet het, maar wij doen het eerste.